Bodemsoorten en de invloed daarvan op de planten in uw tuin


Een fruitboom heeft een diepe en vruchtbare bodem nodig, zonder stilstaand water. Meestal groeien de wortels van de boom niet dieper dan 60cm, en de diepte van de bodem is van groot belang voor de groei van uw boom.

Bodemsoorten en de invloed daarvan op de planten in uw tuin 

Een fruitboom heeft een diepe en vruchtbare bodem nodig, zonder stilstaand water. Meestal groeien de wortels van de boom niet dieper dan 60cm, en de diepte van de bodem is van groot belang voor de groei van uw boom.

De meeste grondtypen zullen voor goede resultaten zorgen. Maar, met de juiste zorg is het mogelijk om optimale omstandigheden te creëren om uw fruitboom nog beter te laten floreren.

Grondsoorten 

Er zijn veel uiteenlopende soorten grond. De verschillen kunnen bijvoorbeeld zitten in de hoeveelheid steen die het bevat. In het algemeen kunnen we soorten grond indelen in drie hoofdsoorten:

  • Grond met weinig klei
  • Grond met een normale hoeveelheid klei
  • Grond met een overvloed aan klei

De soorten grond zijn te identificeren aan de hand van het percentage van losse kleideeltjes die zich in de grond bevinden. Soms is een bodem een mix van meerdere hoofdsoorten. De hoofdsoort die het meest voorkomt bepaalt het type grond en de werking daarvan. Om een stuk land of tuin te cultiveren is het nodig om enige basiskennis van grondsoorten te kennen en te begrijpen.

Het begrijpen van bodemsoorten 

  • Grof zand of fijn grind: Een bodem met veel zand of grind absorbeert snel een grote hoeveelheid water. Die eigenschap zorgt er ook voor dat voedingsstoffen slecht vast worden gehouden. Hierdoor is de kwaliteit van de bodem slecht. Een perzikboom of een abrikozenboom gedijen goed in deze bodemsoort.
  • Gemiddeld gestructureerde bodems bevatten veel humus. Humus bevat organisch afgebroken dier- en plantenresten wat erg belangrijk is voor de vruchtbaarheid van de bodem. Daarom is deze bodemsoort erg vruchtbaar en makkelijk in gebruik. Iedere plantensoort gedijt hier goed in. Deze grond is rijk aan voedingsstoffen en absorbeert water goed.
  • Dichte, zware klei: Dit type bodem bestaat hoofdzakelijk uit heel fijne deeltjes afgebroken vegetatie. Die deeltjes kunnen tot 1000 keer fijner dan zand zijn. Deze grond is erg compact. Daardoor kan de grond bij erg warm weer uitdrogen en uitharden. Dan kunnen er spleten in ontstaan. Als het erg vochtig wordt gehouden wordt het plakkerig en houdt het water erg lang vast. Hierdoor is het voor plantenwortels en zuurstof moeilijk om zich een weg door deze bodem te banen. Dit maakt deze grondsoort ongeschikt voor fruitbomen.

Uw bodemkwaliteit verbeteren 

De kwaliteit van iedere bodemsoort is te verbeteren. Dat kan bijvoorbeeld door de samenstelling ervan te veranderen. Zo kunt u uw bodem aanpassen naar de behoeften van uw gewassen. Voor zowel zanderige bodems als voor compacte klei geldt dat het toevoegen van organisch materiaal als compost, kunstmest en bladgrond een grote verbetering is. Ook het toevoegen van een toplaag en turf doet de bodem goed. Deze verbeteringen hebben betrekking op zowel de vruchtbaarheid als de textuur.

Het toevoegen van organisch materiaal houdt zanderige grondsoorten beter bij elkaar. Dit verbetert de capaciteit om water en voedingsstoffen vast te houden. Timing is hierbij belangrijk. Een zanderige grond kunt u het beste aan het einde van de winter tot het begin van het voorjaar verbeteren. Grond met veel klei laat zich het beste verbeteren in de herfst en in de winter.

Grondsoorten identificeren 

  • Zanderige grond laat zich moeilijk in een vorm drukken en wordt niet gemakkelijk compact.
  • Gemiddeld gestructureerde bodems voelen zacht aan en zijn in een vorm te drukken. Deze vorm zal echter niet lang vasthouden. De grond houdt vocht goed vast.
  • Compacte, zware klei is makkelijk in een vorm te drukken en zak die vorm ook makkelijk vasthouden. U kunt er balletjes van rollen. Als u het nat maakt, wordt het zo doordrongen van water dat u het als een spons kunt uitknijpen.