Verklarende Woordenlijst bij het tuinieren


De vocabulaire van het tuinieren bevat soms woorden waar u niet bekend mee bent. Bayer Garden helpt u bij het tuinieren met deze verklarende woordenlijst.  

A B C D E F G H I J K L M N O P R R S T U V W X Y Z

 

A


Acaricide

Een acaricide is een pesticide dat bedoeld is om mijten zoals spint en teken te bestrijden.

Adventice

Onkruid

Anticoagulans

Stofje dat een fatale interne bloeding veroorzaakt bij ongedierte als ratten en muizen (knaagdieren). Eerste generatie anticoagulans moet meerdere malen door het dier gegeten worden voordat het dodelijk is, tweede generatie is dat direct bij de eerste keer.

Antikiem

Voorkomt dat een zaadje vroegtijdig gaat kiemen.

Auxiliary fauna

Latijnse term, staat voor die diersoorten die helpen met het bestrijden van ongedierte. Kevers en larven zijn klassieke voorbeelden. 

 

B


Bleekzucht

Verkleuring van bladeren. Zorgt door een gebrek aan ijzer voor gele bladeren.

Bodemherbicide

Een bestrijdingsmiddel dat via de grond in de wortels wordt opgenomen. Deze herbicide zijn vaak verboden. 

 

C 

 

Compost

Organisch materiaal dat vergaan is. Kan worden gebruikt als mest of bodemverbeteraar. 

Concentratie

De hoeveelheid herbicide of voedingsstoffen die is opgelost in een vloeistof. Wordt vaak uitgedrukt in gram per liter. 

Contactherbicide

Een bestrijdingsmiddel dat alleen het onkruid verdelgt dat in contact met de herbicide komt.  CuratieEen behandeling van een zieke of door ongedierte aangevallen plant.

 

D


Deficiëntie

Een afwijking aan de plant die wordt veroorzaakt door een de tekort aan of een totale afwezigheid van een nodige voedingsstof. 

Dispergeerbaar granulaat

Een product waarvan het werkzame bestandsdeel wordt fijngemalen en in korrels worden geperst. Deze korrels zijn in water oplosbaar.

Dormantie

Een periode waarin de plant stopt met groeien om zwaar weer te kunnen weerstaan. Veel planten hebben in de winter hun dormantie. 

Dosis

De hoeveelheid substantie er per unit of gebied toegepast moet worden.  

 

E


Endemisch

Endemische planten groeien alleen in een bepaald gebied. 

Epidermis

Weefsel dat aan de buitenkant van de plant zit en voor bescherming zorgt.

 

F


Fungicide


Een bestrijdingsmiddel dat wordt gebruikt om schimmels en schimmelziektes bij planten te bestrijden.

 

G


Grauwe schimmel

Een schimmelsoort dat groeit op de honingdauw die achtergelaten is door luizen. De schimmel is grijsachtig en plakkerig.

Groenblijvend

Planten die het gehele hun bladeren houden. 

Grondscheut

Een scheut die direct uit de wortel komt

 

H


Herbicide

Een bestrijdingsmiddel dat onkruid verdelgt. 

Heksenkring

Een natuurlijke kring van paddenstoelen. Vroeger werd er gedacht dat heksen, vermomd als katten, op deze plekken een dans hielden. 

Honingdauw

Suikerachtige uitwerpselen van blad- en schildluizen. Deze uitwerpselen zijn op planten zichtbaar.

 

I


Infectie

Een invasie van ongewenste planten of dieren.

Insecticide

Een bestrijdingsmiddel tegen insecten. 

 

K


Kiemplant

Een jonge plant die verschijnt als het plantenzaadje ontkiemt.

Kiemplantenziekte

Een ziekte, die vaak door schimmel wordt veroorzaakt, waardoor kiemplanten binnen enkele uren sterven. 

 

L


Larve

Een levensfase bij insecten en vissen, waarbij het dier net uit het ei is gekomen, maar nog niet volwassen en geslachtsrijp is.

 

M


Meststof

Een stof dat aan de grond wordt toegevoegd om het met voedingselementen te verrijken.

 

N


NPK

Een label dat te vinden is op kunstmest. Kunstmest met een NPK-label bevat stikstof, kalium en fosfaat. 

 

O


Ondoordringbare oppervlakten

Op harde oppervlakten als asfalt, straatstenen en beton waar kan water blijven staan. Onkruid kan op dit water groeien.

Oplossing

Een mix van een product dat de plant beschermt of onkruid verdelgt en een vloeistof, meestal water. De mix kan op de plant gedruppeld of vernevelt worden.

Organisch product

Een product dat alleen uit natuurlijk materiaal bestaat.

Organisch tuinieren

Een vorm van tuinieren waarin alleen organische producten worden gebruikt.

 

P


Pesticide

Een bestrijdingsmiddel tegen ongedierte, huisdieren en mensen.

Post-ontkieming

Een behandeling die na het ontkiemen wordt uitgevoerd.

Pre-ontkieming

Een behandeling die voor het ontkiemen wordt uitgevoerd.  

Preventief

Een manier van behandelen om de plant te beschermen. Deze behandeling wordt uitgevoerd voordat de planten bloot staan aan ziektes of ongedierte..

 

R


Rhizome

Een ondergrondse stengel. Het grote verschil tussen een wortel en een rhizome is dat de rhizome  naar de oppervlakte komt en bladeren ontwikkeld.  

Rodenticide

Een bestrijdingsmiddel tegen knaagdieren. 

 

S


Seizoensherbicide

Een bestrijdingsmiddel dat maar één keer per groeiseizoen toegepast hoeft te worden. Vaak is dit aan het begin van de lente.

Systemische herbicide

Een bestrijdingsmiddel dat door het blad wordt opgenomen. 

 

T


Tweezaadlobbigen

Een groep planten die binnen de zaadplanten vallen. Deze planten worden gekenmerkt door twee zaadlobben die na het ontspruiten zichtbaar zijn. 

 

U


Uitlogen

Het verarmen van land waarbij voedingsstoffen in water oplossen en met dat water worden meegevoerd.

Uitlopen van knoppen

Een fase in het groeiproces, waarbij de knoppen van een plant in de lente open gaan.

 

V


Vaste plant

Een plant die onder normale omstandigheden meer dan drie jaar kan leven.

 

W


Werkzame stof

Dat onderdeel van een pesticide of ander product dat biologisch actief is. Dit ingrediënt verricht het werk in de bestrijding van schadelijke organismen. 

Winterzorg

De zorg die een plant in de winter nodig heeft. 

Wortelhals

De overgang tussen de wortel en de steel.